Ga naar hoofdinhoud

Wanneer de A480 met de race-engineers praat (+video)

Een indrukwekkende hoeveelheid data wordt tijdens racewedstrijden geanalyseerd. (Foto: Alpine)

Als de Alpine A480 op het circuit rijdt voor een ronde van het FIA World Endurance Championship, is hij uit het zicht van de ingenieurs, vooral op Le Mans, waar het circuit meer dan 13 kilometer lang is. Maar niets van de prestaties van de auto ontgaat hen dankzij de ongeveer 2.000 telemetriegegevens die in realtime naar de pits worden verzonden. Thomas Tribotté, Alpine Elf Matmut Endurance Team Race Engineer, legt uit hoe het beheer van deze gegevens kan leiden tot een succesvolle race en zelfs overwinning.

Wat televisiekijkers te zien krijgen van de ‘box’ van het Alpine Elf Matmut Endurance Team tijdens een FIA World Endurance Championship-race, beperkt zich tot de decoratie van de muren in de kleuren van het team, de tankinstallatie, de constant oplettende monteurs, hun gereedschapskasten en misschien, een stapel banden… Weinig bezoekers worden uitgenodigd om de drempel van de mysterieuze ‘backoffice’ over te steken waar het spektakel de vorm aanneemt van talloze computerschermen die een assortiment aan grafieken en gegevens weergeven.

500 sensoren op de auto

Het aantal monitoren is zelfs toegenomen sinds Alpine overstapte naar de hypercar-klasse van endurance racen… “Toen we aan de LMP2 deelnamen, was onze auto uitgerust met ongeveer 200 sensoren”, merkt race-ingenieur Thomas Tribotté op.

“Dit seizoen is dat aantal gestegen tot 500. Ons telemetriesysteem verzendt voortdurend tussen de 2.000 en 2.500 gegevens. Om deze informatie te verwerken en te analyseren, zijn de acht ingenieurs zoals ik in de pits verantwoordelijk voor verschillende aspecten van de auto. We hebben bijvoorbeeld twee motor-ingenieurs die waken over het energiebeheer, een gebied dat vooral cruciaal is in de Hypercar-klasse.”

De Alpine A480 Hypercar is uitgerust met 500 sensoren die veel raceparameters in realtime naar de pits brengen (Foto: Alpine)

Categorieën van data

“De data zijn in te delen in een aantal categorieën. Allereerst zijn er de gegevens die betrekking hebben op de betrouwbaarheid van de auto, met name de temperatuur van de remmen, motor en versnellingsbak, evenals de bandenspanning. Deze essentiële informatie gaat gepaard met waarschuwingssignalen, waarvan sommige de coureur direct in de auto waarschuwen. Temperatuurmetingen zijn bijzonder belangrijk, vooral in een race als Le Mans waar de luchttemperatuur kan variëren van 10°C midden in de nacht tot 30°C aan de start en/of finish.”

Winnen met data

De aandacht die aan al deze data wordt besteed, kan beslissend zijn… “Op Le Mans ontdekten we een keer een probleem in de twaalfde ronde van de race”, herinnert Thomas Tribotté zich. “We hadden in paniek kunnen raken en de auto meteen kunnen laten binnenkomen om het probleem te verhelpen, maar dat zou onze kansen ernstig in gevaar hebben gebracht. Dankzij het op afstand uitlezen van diverse parameters konden we het probleem echter on hold zetten en wachten op het beste moment om het op te lossen, tijdens een neutralisatie. Uiteindelijk hebben we de LMP2-klasse gewonnen.”

De datastroom die tijdens een race in realtime wordt ontvangen, vereist constante analyse. (Foto: Alpine)

Prestaties auto

Naast betrouwbaarheidsproblemen kunnen telemetriegegevens ook een belangrijke bijdrage leveren aan de prestaties van de auto. Tribotté: “Als we een aanpassing doen aan de instellingen die een winst van twee procent zou moeten opleveren, maar die in werkelijkheid door de heersende omstandigheden slechts een winst van 1,8 procent oplevert, weten we dit meteen dankzij de telemetrie. De coureur kan de instelling vervolgens corrigeren.”

Brandstof

Thomas Tribotté en zijn collega’s gebruiken de datastroom ook om de racestrategie van het team te perfectioneren. “We proberen altijd de hoeveelheid brandstof in de auto te optimaliseren en roepen de racewagen alleen naar binnen als er minder dan een halve liter in de tank zit. Met de data die we tot onze beschikking hebben, kunnen we zo precies zijn.”

Racestrategie

Een andere datastroom betreft de timing informatie van Race Control. “Hoewel alle teams dit ontvangen, kunnen we de prestaties van onze rivalen nauwlettend in de gaten houden”, besluit Tribotté. “We combineren deze informatie met onze eigen simulaties en berekeningen om onze racestrategie aan te passen en onze kansen op succes te maximaliseren.”

Bekijk hieronder de video:

x
Mis niet langer het laatste nieuws

Schrijf u nu in voor onze nieuwsbrief.

Inschrijven