Ga naar hoofdinhoud

Secundaire hydrauliek in de scheepvaart

Bijna dertig jaar geleden ontwikkelde Huisman Equipment een mastkraan waarvan de eigenschappen waren afgestemd op het tillen van zware lasten; de snelheid was hierbij van ondergeschikt belang. Toen de mastkraan ook werd ingezet voor toepassingen in de scheepvaart, kwam snelheid wel degelijk naar voren als een belangrijke grootheid. Onder meer scheepsbewegingen als gevolg van de golfbeweging spelen een rol. Het toepassen van secundaire aandrijvingen bood uitkomst.

Bij mastkranen voor het hijsen van zware lading zijn de hijsblokken vaak meervoudig ingeschoren. Bij de mastkranen op zeeschepen is vaker sprake van een enkelvoudig ingeschoren draad waardoor veel grotere draadsnelheden mogelijk zijn.
Door de te lage reactiesnelheid bleek primaire hydrauliek onvoldoende mogelijkheden te bieden om voldoende accuraat op golfbewegingen te kunnen reageren. Door de relatief lange leidingen en de samendrukbaarheid van olie was het niet mogelijk de lier snel genoeg te laten reageren op een signaal van de bedieningsman. Een oplossing werd gevonden in secundaire hydrauliek. Hierbij wordt direct geregeld op de slagplaat van de hydromotor die is gekoppeld aan een leidingnet met constante druk.

Meesleepkrachten

Behalve reageren op de golfbeweging is compensatie van golfbewegingen noodzakelijk. Op zee moeten namelijk ook apparaten op de zeebodem worden geplaatst. Grote voorwerpen zijn onder water onderhevig aan meesleepkrachten van het water. Afhankelijk van de golfhoogte en de periodesnelheid ontstaan hierbij grote belastingvariaties op de kraan die tot onacceptabele situaties kunnen leiden.

Om dit te compenseren en lasten op de zeebodem te kunnen afzetten ontwikkelde Huisman Equipment een actieve deiningcompensatie, gebaseerd op het gebruik van secundaire hydrauliek. De energie die wordt opgewekt tijdens het vieren van de last bij een opgaande beweging van het schip wordt opgeslagen in een zuigeraccumulator. Tijdens het omlaag bewegen van het schip wordt de energie door de zuigeraccumulator weer toegevoerd aan de hydromotor voor de hijsbeweging. Er kan worden volstaan met een relatief klein geïnstalleerd vermogen ten opzichte van het vermogen dat benodigd is om de hijsbeweging in opwaartse richting met voldoende snelheid te kunnen uitvoeren.

De deiningcompensatie werkt onder andere samen met een MRU (Motion Reference Unit) die de bewegingen van het schip registreert. Met behulp van deze gegevens wordt de slagplaat van de hydromotor zodanig aangestuurd dat de haak, en dus de last, onder water een beweging maakt die precies tegengesteld is aan die van de kraantip. Hierdoor hangt de last ten opzichte van de zeebodem stil in het water.

Een uitgebreide beschrijving van het systeem vindt u in het decembernummer van Aandrijftechniek. Neem hier een proefabonnement.

x
Mis niet langer het laatste nieuws

Schrijf u nu in voor onze nieuwsbrief.

Inschrijven