Ga naar hoofdinhoud

Luchtlagering verdient meer toepassingen

Werkingsprincipe van een contactloos transportsysteem dat wordt ontwikkeld aan de TU Delft (ill.: TU Delft).

In april vond in Düsseldorf voor de eerste keer de ‘gas bearing workshop’ plaats. Producenten, ontwikkelaars, gebruikers en universiteiten uit Nederland, België en Duitsland kwamen bijeen om de stand van zaken op het vlak van gaslagering vast te stellen. De technologie is nog steeds bij uitstek geschikt voor hoognauwkeurige applicaties die het liefst wrijvingsloos werken. Maar de markt zou er veel meer mee kunnen doen.

Gasgelagerde applicaties (waarbij meestal lucht het medium is) stammen al van ver voor de jaren vijftig. Vervolgens is de technologie tussen grofweg 1950 en 1970 in sneltreinvaart ontwikkeld. In Nederland gebeurde dat vooral bij het huidige Philips Innovation Services voor uiteindelijk ASML.

Na de jaren zeventig leek de belangstelling tanende. De techniek werd en wordt nog wel toegepast maar in het merendeel van de gevallen volledig klantspecifiek doorgerekend en gebouwd. Er zijn wel luchtlagers in catalogi te vinden, maar vergeleken met bijvoorbeeld wentellagers is de keuze beperkt.

Status van luchtlagering

Gebrek aan standaardisatie is medeoorzaak van de geringe belangstelling voor luchtlagering. De applicatieontwikkeling duurt langer, de prijzen zijn hoger en de levertijden zijn langer. Inmiddels is echter speciale software beschikbaar waarmee bedrijven ook zelf deze berekeningen kunnen uitvoeren. Niettemin blijft luchtlagering een technologie voor nichemarkten waarbij wrijvingsloos lagering een ‘must’ is. Voorbeelden zijn productietoepassingen in de halfgeleider- en elektronica-industrie en medische en laboratoriumtoepassingen.

Concrete toepassingen zijn onder meer een CT-scanner van Philips waarin luchtlagering noodzakelijk is door de combinatie van hoge snelheden en te bewegen massa’s. Een andere toepassing is te vinden in de astronomie, voor het boren van extreem kleine gaatjes met behulp van een laser. Een toepassing die bij TU Delft in ontwikkeling is, is een systeem om uiterst dunne, fragiele substraten zoals zonnecellen en waters contactloos te transporteren en te positioneren.

Ontwerpeisen voor luchtlagering

Bij dit soort toepassingen moet extra aandacht worden besteed aan de vraag wat er gebeurt wanneer zo’n lager vastloopt. Bijvoorbeeld als gevolg van vuil dat in de luchtspleet terecht komt, een luchtdruk die wegvalt of – en dat is in de meeste gevallen de oorzaak – verkeerd transport dat heeft geleid tot mechanische beschadigingen van het lager.

Om de schade te beperken, is het belangrijk onder andere aandacht te besteden aan de toegepaste materialen. Een verkeerde materiaalcombinatie kan leiden tot slijtage en het vrijkomen van deeltjes die het oppervlak beschadigen en de grootte van de luchtspleet beïnvloeden.

Het volledig artikel vindt u in het mei-nummer van Aandrijftechniek.

x
Mis niet langer het laatste nieuws

Schrijf u nu in voor onze nieuwsbrief.

Inschrijven