Ga naar hoofdinhoud

Large drives: de kunst van het samenspel

Als aanloop naar het congres op 30 november organiseerden AT-Aandrijftechniek en DFPTC een rondetafelbijeenkomst (foto: Michel Zoeter).

Large drives of grote aandrijvingen zijn het onderwerp van de Dutch Fluid Power Transmission Conference (DFPTC) die op 30 november 2017 wordt georganiseerd in CineMec Ede. Sprekers zullen ingaan op industriële toepassingen waarbij gekozen is voor een evenwichtige mix van theorie en praktijk. Voorafgaand aan de conferentie sprak de redactie met bedrijven die actief zijn met grote aandrijvingen.

Grote transmissies zijn er in alle mogelijke varianten. Maar wanneer praten we over een grote transmissie? Voor afnemers en eindgebruikers zijn koppel en gewicht van belang. Vanuit dit perspectief beginnen de large drives bij een koppel van 100.000 Nm en een gewicht van 2 ton.

In een groot aantal omgevingen wordt voor de dagelijkse bedrijfsvoering vertrouwd op grote transmissies: haven- en overslagkranen, mijnbouw, maritiem en offshore, baggerindustrie, recycling, zware industrie en windenergie. De markt voor grote transmissies is een groeimarkt, waarbij het wel allemaal om maatwerk gaat. En na vijftig jaar geleden te zijn ontworpen en al die tijd te zijn gebruikt, loopt ook de levensduur van gemalen op zijn einde. Daar komt een vervangingsmarkt voor.

Smering van large drives

Elke aandrijving moet worden gesmeerd. Hier doen zich ontwikkelingen voor in de manier waarop wordt gesmeerd maar ook in de materialen die daarvoor worden gebruikt. Veel gebruikers geven de voorkeur aan smeermiddelen op basis van minerale olie. Bij large drives kan het vervangen van de olie oplopen tot 6000 euro of meer. Synthetische smeermiddelen bieden meer ontwikkelmogelijkheden, onder meer door een betere weerstand hebben tegen veroudering. Daarmee behouden ze langer optimale smerende eigenschappen en gaan langer mee.

Een misvatting is dat er voor alle toepassingen één smeermiddel is. Het tegendeel is het geval. Als er bijvoorbeeld tien tandwielkasten naast elkaar staan, worden ze alle tien voor een andere toepassing ingezet. Ze moeten dus alle tien een andere karakter en bijkomende onderhouds- en herstelkosten hebben. Er moet iedere keer weer nauwkeurig worden gekeken naar de juiste smeermiddeloplossing.

Belangrijk in dit opzicht is ook het onderhoudspersoneel. Vroeger hadden veel gebruikers van grote transmissies een eigen technische dienst. Tegenwoordig worden vaak onderhoudsploegen van leveranciers en die hebben niet altijd dezelfde kwaliteit.

Connected world

Industrie 4.0 en Smart Industry gaan ook niet voorbij aan de aandrijfmarkt. Maar veel Industrie 4.0 geluiden vragen om een kanttekening. Aanbieders praten graag over de mogelijkheden van een connected wereld, maar vraag bij gebruikers is er nauwelijks. Industrie 4.0 draait om data. Die zijn te verzamelen met bijvoorbeeld sensoren, maar de gebruiker moet er ook iets mee doen.

Toch biedt het nieuwe tijdperk mogelijkheden. Er wordt nog veel gewerkt met ingebouwde marges. Hoe meer data, des te beter de kennis en des te beter de engineering van een grote aandrijving. En technici binnen bedrijven zijn op zoek naar handvatten om hun directies te overtuigen van investeringen in techniek.

Lees het volledige artikel in het augustusnummer van Aandrijftechniek.

 

x
Mis niet langer het laatste nieuws

Schrijf u nu in voor onze nieuwsbrief.

Inschrijven