Algemeen

Een unieke samenwerking tussen een vuilniswagen, een vuilnisrobot en een drone, dat is wat studenten van drie universiteiten samen met de Volvo Group en afvalverwerker Renova onlangs presenteerden.

Het lijkt een beetje raar. Een vuilnisman drukt in de cabine van de vuilniswagen op een knop. Op het dak van de vuilniswagen stijgt een drone op, die op zoek gaat naar kliko’s. Als de kliko is gelokaliseerd, stuurt de drone een signaal naar de vuilnisrobot, die zich loskoppelt van de vuilniswagen. De robot beweegt zich naar de kliko, maar komt onderweg, in dit voorbeeld, nog allerlei obstakels tegen zoals een driewieler en een geparkeerde auto. Dankzij de camera aan boord van de robot, maar ook aan boord van de drone, kan de vuilnisrobot toch uiteindelijk de kliko bereiken. De robot pakt de kliko op, rijdt terug naar de vuilniswagen en leegt de kliko. Waarschijnlijk was alles sneller gegaan als de vuilnisman uit de vrachtwagen was gesprongen en de kliko zelf had gehaald, maar ja, daar gaat het hier niet om.

ROAR-project

Waar het wel om gaat is het ROAR project, Robot-based Autonomous Refuse handling, een samenwerkingsproject tussen de Volvo group, Chalmers University of Technology, Mälardalen University, Penn State University in de United States en afvalverwerker Renova. Het doel van ROAR is om te laten zien hoe slimme ‘smart’ machines binnenkort met elkaar kunnen communiceren om de mensheid in zijn dagelijkse bestaan te ondersteunen. “We zien een toekomst met nog meer automatisering,” zegt Per-Lage Götvall, project manager voor robot ontwikkeling in the Volvo Group. “Dit project is vooral bedoeld om onze verbeeldingskracht te stimuleren en om nieuwe concepten te bedenken, die vorm gaan geven aan toekomstige transportoplossingen.”

Sensoren

In technische termen gesproken is het voor de robot al een stuk eenvoudiger als deze de omgeving al kent in de vorm van een plattegrond. Daar zorgt de drone voor. De robot gebruikt daarna diverse sensoren om zijn weg te bepalen aan de hand van de kaart en obstakels die de robot zelf ziet en ontwijkt. Deze sensoren zijn in dit geval GPS, LiDAR (een soort radar, maar dan met infrarood in plaats van radiogolven), camera’s, en IMU data, welke versnellingsmeters en een gyroscoop gebruiken voor navigatie. Tevens wordt de afstand gemeten en de verplaatsing per tijdseenheid. “Voor ons als Volvo Group is veiligheid de basis van alles wat we doen,” aldus Per-Lage Götvall. “Veel van de sensoren op de robot zijn bedoeld voor een veilige omgeving.” Zo stopt de noodknop de robot als een kind of een hond vlak voor de robot langs rent. Ook is er een camera gemonteerd op de vuilniswagen welke het legingsproces stopt als iemand te dichtbij komt.

Academic Partner Program

De studenten die aan dit project werkten komen allemaal van universiteiten binnen het Volvo’s Group’s Academic Partner Program, een netwerk van 12 universiteiten die al langer samenwerken met R&D binnen Volvo. Het duurde slechts vier maanden voor de drie deelnemende universiteiten om een prototype robot te ontwerpen en te bouwen, die automatisch kliko’s ophaalt en ledigt. Elke universiteit had een ander taak. Mälardalen University was verantwoordelijk voor het ontwerp van de robot, Chalmers University of Technology ontwikkelde een taak-management systeem voor de robot en de drone. Penn State University ontwikkelde de graphics voor de bestuurder in de cabine voor een compleet overzicht van alle systemen en om eventueel de robot vanuit de cabine direct aan te sturen.

x
Mis niet langer het laatste nieuws

Schrijf u nu in voor onze nieuwsbrief.

Inschrijven