Algemeen

Trends bij voortstuwing van schepen

trends bij voortstuwing schepen
Bij een moderne scheepsaandrijving komt veel hulpapparatuur kijken voor smering, koeling, filtratie, appendages en ook steeds meer sensoren en elektronica. Dit is een schakelbaar, hydraulisch bekrachtigd Prop.Act koppelingsysteem van Ortlinghaus (foto: De Graaf Aandrijvingen).

Sinds de uitvinding van de stoommachine en de introductie daarvan in de scheepsbouw, is aan het voortstuwingsconcept van schepen niet zo veel veranderd. Maar de laatste twee, drie decennia zijn grote veranderingen ingezet, die een grote invloed hebben op het vermogensbeheer aan boord, zo leert een gesprek bij De Graaf Aandrijvingen.

Sinds de mens overstapte van de roeiboot en zeilvaart naar de gemotoriseerde vaart, kende de voortstuwing eigenlijk maar één concept: een hoofdaandrijving (eerst stoommachine, later de dieselmotor en gasturbine), een mechanische transmissie (vaak een schroefas met of zonder keerkoppeling) en uiteindelijk de schroef. Daarop ontstonden wel varianten met meer motoren en schroeven, maar het principe bleef gelijk.

Voortstuwing

Maar een luxejacht, binnenvaartschip, sleepboot, containerschip, offshore-bevoorradingsschip en FPSO hebben ieder hun eigen eisen aan vaarsnelheid, vermogen, geluidsniveau, thermische belastbaarheid, emissie, energetisch en economisch rendement, etcetera.

De laatste paar decennia wordt zowel aan het concept als aan de diverse componenten in de aandrijflijn voor de voortstuwing driftig gesleuteld. Fabrikanten van verbrandingsmotoren doen veel onderzoek om hun diesels zuiniger, stiller en schoner te maken. Tegelijkertijd komen er steeds meer alternatieven voor de traditionele aandrijflijn, waarbij de opkomst van de elektrisch aandreven pods er nog maar één is. Deze ‘aandrijftrein’ bestaat hiervan hier uit hoofdmotor (diesel, LPG, CNG, turbine), generator, elektrische bekabeling en elektromotoren.

Multi in multi out

In hybride voortstuwingsconcepten kunnen twee of meer hoofdaandrijvingen worden aangekoppeld en naar behoefte in- of uitgeschakeld. Aan de uitgaande zijde kunnen dan diverse werktuigen worden aangesloten: de schroefas, generatoren, pompen (bijvoorbeeld voor brandbestrijding). Maar de generator kan ook als motor fungeren.

Bij deze multi in multi out (MIMO) tandwielkasten zijn allerlei combinaties mogelijk, die afhankelijk van de behoefte kunnen worden in- of uitgeschakeld. Hierdoor is niet meer voor elke taak een aparte aandrijving nodig, wat ruimte en kosten bespaart. Door dit concept zijn veel grotere vermogens te gebruiken én te beheersen.

De trend is dat deze tandwielkasten groter en groter en ook steeds complexer worden. Ze worden dus voorzien van een schakel- en regelsysteem (vaak hydraulisch aangedreven en steeds meer elektronisch bestuurd) dat er voor zorgt dat de in- en uitgaande assen mooi synchroon lopen.

Het complete artikel vindt u in het oktober-nummer van Aandrijftechniek.

x
Mis niet langer het laatste nieuws

Schrijf u nu in voor onze nieuwsbrief.

Inschrijven