In de kas van groenteler FromBoer in Dinteloord is de natuur grotendeels gemechaniseerd. Rollenbanen, robots, luchtcilinders en motoren houden het teeltproces van zaad tot krop onafgebroken in beweging. De broers Arjan en Leonard Boer hebben hun vier hectare kas omgevormd tot een hooggeautomatiseerd teeltsysteem, waarin techniek, aandrijving en precisie samen zorgen voor maximale opbrengst en minimale verspilling.
Het begint met wat aarde direct achter het losdok. Bulkzakken met deze grondstof vinden op pallets hun weg naar de Ellepot Tray Filler, een machine die kleine teeltkluitjes vormt. Een robotarm schraapt uit een omkasting laagsgewijs aarde op een transportband die naar de bovenkant van de vuleenheid gaat, waar de aarde na lichte beluchting in vijf kousen van dun, biologisch afbreekbaar papier wordt geperst. De gevulde kousen komen uit in plastic trays met rijen van telkens vijf gaten, waar ze worden afgesneden op de hoogte van het kluitje. De trays schuiven vervolgens per rijtje door voor verdere behandeling van de kluiten. Onder een stansarm worden daar gaten in geprikt, even verder laat een zaaitrommel in elk gat een zaadje vallen. Alles automatisch, instelbaar op een controlepaneel en te volgen via de monitor.


In teeltgoten naar de kiemkamer
Na het inzaaien rollen de trays met ingezaaide kluitjes uit de Ellepot Tray Filler over een rollenband richting overzetmachine. Hier worden lege teeltgoten aangevoerd vanuit de kas. Het zijn deze teeltgoten, zo’n 12 meter lange constructies van naar binnen gebogen kunststof met gaten voor de ingezaaide kluiten, die de basis vormen voor de teeltcyclus bij glastuinder FromBoer in Dinteloord.
Een robot brengt in de overzetmachine de kluitjes van de tray naar de gaten van de goten. De lege trays gaan terug naar de Ellepot Tray Filler, de gevulde goten vinden over de rollenband hun weg naar het volgende station, de kiemkamer. In deze extra verwarmde ruimte kiemt in een dag tijd het zaadje waaruit het plantje groeit. Op de onderste laag in de kiemkamer ontvangen de kluitjes via de teeltgoot water en meststoffen. Dan worden ze stapsgewijs naar boven getransporteerd om boven aangekomen de ruimte te verlaten voor het verdere groeiproces in de kas. Rollend van kiem tot krop, kun je zeggen.
Over Fromboer

In 1968 startte de vader van Arjan en Leonard Boer in Ridderkerk met de teelt van spinazie en kool. De later geïntroduceerde sla sloeg zodanig aan, dat de teler besloot zich hierin te specialiseren, een pad dat tot het heden doorgetrokken is. In 2020 verhuisde FromBoer naar de Brabantse polder rond Dinteloord, waar het verder kon groeien en moderniseren. Anno 2025 teelt Fromboer met 25 fte de gewassen driekleurensla, eikenbladsla, frisee, kropsla, lollo rossa, lollo bionda, salanova (alle behalve de kropsla op kluit) en sinds 2024 basilicum. De jaarproductie bedraagt 10 miljoen kroppen sla en 150.000 kg basilicum per jaar. De oogst gaat naar Nederland, Duitsland, Engeland, Scandinavië en het Midden Oosten.
Schuivende goten
De kas is verdeeld in een opkweek- en een afkweekdeel. In de opkweek schuiven de beplante goten middels een elektrisch aangedreven systeem met vaste intervallen over een op twee verschillende hoogtes gemonteerde stalen verhoging telkens een positie op, per baan naar voren of naar achteren. Aan het eind van de baan komt de goot op een rollenband terecht om naar een van de overplantstations (spacing robots) te gaan. Deze staan langs de kanten van de kas opgesteld.
De eerste keer verdeelt de robot in zo’n station 180 plantjes uit één goot over 90 per goot in 2 goten, de tweede keer gaat het van 90 naar 2 keer 45. De robot werkt met een eenvoudig grijpmechanisme: hij grijpt de kluiten om en om uit de aanvoergoot en zet ze over in hun nieuwe behuizing, waarna de aanvoergoot een positie opschuift en de handeling zich herhaalt. De vers ingeplante goten vinden vervolgens via de rollenband hun weg naar het begin van een nieuwe baan op een hoger gelegen teeltlaag. Aan het einde van hun derde baan, zes weken nadat ze de kiemkamer hebben verlaten, zijn de planten bijna volgroeid en kunnen ze naar de oogstruimte, om daarna te worden beregend, verpakt en uitgeleverd. Vochtig glanzend, zonder beestjes en viezigheid, helemaal klaar voor consumptie.


Uitgekiend ruimtegebruik
Met vier hectare teeltoppervlak neemt het bedrijf van de broers Arjan en Leonard Boer een relatief bescheiden plek in binnen het immense kassenlandschap van de Brabantse polder rond Dinteloord. Maar des te indrukwekkender is de opbrengst die de broers realiseren: rond 10 miljoen kroppen sla en 150.000 kg basilicum verlaten jaarlijks de kas van FromBoer. Deze opbrengst wordt bereikt dankzij een uitgekiend ruimtegebruik en continuïteit van productie. Leonard Boer: “Bij teelt in de grond moet je tussen de plantjes zoveel afstand bewaren als voor de toekomstige plant en het oogsten nodig is. Daarnaast zit er een hele teeltcyclus tussen de teeltgangen. Veel grond en ruimte blijft daarom onbenut. Bij ons krijgen de planten steeds precies zoveel plek als ze nodig hebben en gaat het zomer en winter door. Voor elk plantje dat we oogsten, wordt dezelfde dag een nieuw plantje ingezaaid.”
“Een kas als de onze is een mozaïek van installaties en technologie”, vertelt Leonard, “de grootste opgave is eigenlijk alles steeds zo goed mogelijk op elkaar aan te laten sluiten. De kleinste hapering kan een heleboel overhoop halen en grote gevolgen hebben voor de rest van het proces. Daarom is snelle signalering belangrijk, maar vooral ook goed onderhoud. Je moet op je systeem kunnen bouwen en vertrouwen.”


Uitdaging: kwetsbaar basilicum en automatiseren
Voor onderhoud en reparaties werkt het bedrijf met Gerben Vis, zwager van de broers. Hij tekende ook voor de installatie van een compleet nieuwe basilicum-productielijn. FromBoer wilde het kruid vanwege vragen uit de markt graag in productie nemen. Maar hoe moest het kwetsbare gewas uit tropisch Azië worden ingepast om in de Hollandse kas het best tot zijn recht te komen? “Voor de opkweek kon de basilicum met wat aanpassingen mee in de bestaande installatie”, vertelt Vis, “maar voor de afkweek en het oogsten moest een nieuwe afslag worden gemaakt, een knip die de sla van de basilicum scheidt en in afzonderlijke stromen naar de verpakkingslijn leidt.”
In opdracht van Vis maakte een technisch ontwerper de tekeningen voor een dergelijke installatie, waarna Vis deze bouwde. Een zee van raderen, motoren, luchtventielen, profielen, banden en riempjes, met als sluitstuk op een verhoogd bordes de snijmachine, een nieuw element in de productielijn. Boer demonstreert de door Vis gebouwde machine. Anders dan kropsla met zijn wijduitstaande bladeren, leent basilicum zich vanwege zijn groeiwijze op kleine steeltjes goed voor machinaal snijden. Twee horizontaal draaiende messen snijden net boven elkaar links- en rechtsom de blaadjes van het plantje op exact de juiste hoogte af, waarna deze via de transportband naar de verpakkingsloods gaan.


Mensenhanden komen er weinig aan de pas in de kas van FromBoer. Machines zetten er overtuigend de toon. De broers Boer kunnen het hele proces, van wie er voor de deur staat tot hoe de sla in kratten gaat, volgen op een centraal dashbord en hun telefoon. Alleen voor het lossen en laden van kratten en dozen uit de loods en de koelcel, het instellen van de machines, het controleren van de plantjes en het verpakken zijn mensen nodig. En voor onderhoud en reparaties natuurlijk. In de kas van FromBoer groeien techniek en teelt letterlijk samen, een georkestreerd proces waarin innovatie het tempo bepaalt.

